Een gedachte over “Gérard Vingerhoets

  1. Gerard & Mia

    Gerard Vingerhoets en Mia Berghmans huwden op 3 maart 1943 in Lier.
    Hun ouders wilden liever dat ze zouden wachten tot na de oorlog, maar toch zijn ze in 1943 gehuwd.
    Het verliefde koppeltje ging tegen de wil van hun ouders in Mortsel wonen, vlak bij de Erlafabriek, waar Gerard werkte.
    Een maand later sloeg het noodlot toe…
    En toen kwam 5 april 1943, de mooie lentedag die ’s middags in een hel veranderde.
    Suz Vingerhoets, de zus van Gerard, herinnert zich, wij woonden aan het station in Lier en wisten bijna meteen dat Mortsel gebombardeerd was. Mijn oudste broer Jan sprong direct op zijn fiets en reed richting Mortsel. in Boechout kwam hij Mia, blootvoets en gekwetst tegen. Ze was bij de instorting van hun huis vanop de tweede verdieping in de kelder terechtgekomen en had daar beschutting gezocht onder de trap. Jan voerde Mia naar Lier en reed onmiddellijk terug. Zijn verbijstering was groot toen hij bij het huis van Gerard en Mia kwam. Buren waren al aan het plunderen geslagen en namen van tussen het puin alles mee wat nog bruikbaar was!
    Waar was Gerard? Toen de opruimingswerken al een tijd aan de gang waren, was er nog steeds geen nieuws van hem. Zelf reed ik met mijn fiets langs de ziekenhuizen waar de gewonden werden aangevoerd, maar geen spoor van Gerard. Op dat moment hopten we nog dat hij ergens vastzat in een of ander station, want treinen raakten niet meer tot in Mortsel. De schade in Mortsel was niet te overzien…
    Pas enkele dagen na de ramp vernamen we van getuigen dat hij in de trein had gezeten die in het station van Mortsel toekwam vlak na het eerste bombardement. Hij was nog maar net uitgestapt toen hij door de luchtdruk van een tweede bombardement werd gedood. Samen met nog andere slachtoffers werd hij vervoerd naar de brandweerkazerne, echter zonder identificatie. Niemand mocht binnen in de kazerne, maar na een paar dagen kon Jan, via tussenkomst van een priester toch tussen de lijken op zoek naar zijn broer. Daar herkende hij Gerard aan de door moeder gebreide kousen die hij droeg.
    Jan bracht zijn broer naar huis in Lier in een camionette van het Rode Kruis in een houten krat met een nummer erop. In een fotoalbum bewaar ik nog een stukje van een enveloppe die op zijn lichaam werd gevonden, doordrenkt met zijn bloed. Gerard blijft voor ons voor altijd de mooie flinke jonge man van drieëntwintig jaar…

    Verhaal van: Walter Sluydts

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s